Het Slepersvak is Ruw Zeemanswerk – Deel 3

boorplatform YATZY

 

Boorplatform Yatzy. Foto: archief Op Stoapel

 

 De Yatzy was een zelfvarend halfafzinkbaar exploratie – boorplatform. Eens afgewerkt, of toch bijna, moest het uitdokken in Hoboken om dan verder via Vlissingen naar Rotterdam te worden gesleept. In Rotterdam zouden dan 6 krachtige en wendbare schroeven worden gemonteerd.

 Het boorplatform Yatzy werd gebouwd door Boelwerf, zowel te Temse als te Hoboken. Het platform werd in het droogdok te Hoboken afgewerkt.

 Voor de werf was dit een bijzonder project. Niet alleen omdat dit volstrekt nieuw was maar ook en vooral door de omvang en de moeilijkheden die moesten overwonnen worden. 

Voor deze sleepopdracht had kapitein C. Pissierssens vier slepers voorzien. Vooraan werden de sterke sleepboten Union Three en Union Four met ieder 8000 pk geplaatst en achteraan, om te sturen, de 4000 pk krachtige Burcht en Hemiksem.
Bij hoog water rond 06.30 uur op 11 januari 1989 was iedereen betrokken bij de operatie paraat, inclusief een reserve sleepboot, de Olivier Gerling met 1000 pk vermogen. 
Het was voor iedereen een verrassing toen er plots een dichte mist, zichtbaarheid nul, over de Schelde trok. Wat zou de operatie leiding beslissen, uitstellen of doorgaan. Het venster om het dok te verlaten was nogal krap, ten laatste 06.45/07 uur moest de Yatzy over de dok(deur)drempel heen zijn en op de Schelde liggen.

 

 

 

 

Foto: atelier 24

Foto: archief Op Stoapel

 

Om 07 uur, de limiet, klaarde de mist plots op. Het bevel om uit te varen werd alsnog gegeven. De point of no return was genomen. Bij het verlaten van het dok was de mist als erwtensoep daar weer. In hachelijke omstandigheden maar gesteund door het prima vakmanschap van de kleine sleepboot Olivier Gerling die toch vooraan had vastgemaakt, werd de Yatzy op de schelde getrokken. De afreis van Hoboken kon beginnen in een dichte mist, dankzij onder andere de hulp van de twee Yatzy-radars. Vanop de brug van de Yatzy zag men met het blote oog totaal niks  van de passerende oevers.

Het twaalfduizend ton metende boorplatform begon aan zijn eerste reis volledig op radar. Op de inmiddels ingezette ebstroom richting Antwerpen werd herhaaldelijk gevaarlijk dicht bij de ondiepe Scheldeoevers gevaren. Rond 09 uur werd beslist ten anker te gaan aan hanger 1 van de Scheldekaaien. Tegen 11 uur trok de mist op en werd het zelfs zonnig.

 

 

 

Onmiddellijk werd bevel ‘ankerop’ gegeven om verder te slepen met de bedoeling het tij-venster van 14 uur bij Oosterweel te halen om onder de aldaar hangende hoogspanningskabels, zeer kort op de linkeroever, door te varen. Kapitein Pissierssens manoeuvreerde de Yatzy, met de vier slepers volgens plan, kort onder de rechteroever alwaar veel volk de afvaart gadesloeg.

Foto: archief Op Stoapel

 

 Om het 102 meter hoge rig onder de hoogspanningskabels te krijgen was er een geringe marge van slechts 3 meter. EBES schakelde de stroom uit waardoor de kabels afkoelen en krimpen en de doorvaarhoogte toeneemt. 
Onder het laagste punt of het midden tussen de pylonen, bedraagt voor Zwijndrecht-Scheldelaan de vrije hoogte 74 meter bij hoog water. 

Door de afkoeling van de kabels wordt hier ongeveer 2,5 meter gewonnen. Onder Doel-Zandvliet heeft men in dezelfde omstandigheden 75 meter doorvaarhoogte bij hoog water en wordt bij afkoeling zelfs 5,5 meter gewonnen. 

 

 

 

 

Tekening De Zaat, bedrijfsblad Boelwerf nv.

Tekening De Zaat, bedrijfsblad Boelwerf nv.

 

 De Yatzy torent bij 8 meter diepgang nog altijd 95 meter boven het wateroppervlak uit zodat men bij afvaart zo ver mogelijk tegen de linker pylonen moet manoeuvreren waar de doorvaarhoogte onder de kabels het grootst is. 

 Niet alleen vergroot met de doorvaarhoogte bij het uitschakelen van de spanning op de kabels, men vermijdt ook de oversprong van elektrische vonken tussen de kabels en de top van de boortoren. 

Op de Scheldekaart werd, ter hoogte van Zwijndrecht en Zandvliet, een ‘veilig’ pad uitgestippeld van respectievelijk 40 en 90 meter breed, dat de ideale route was die het 63 meter brede gevaarte zou moeten volgen.

Omdat deze route vanop de Yatzy met onvoldoende nauwkeurigheid kon gecontroleerd worden, werd er op beide oevers een plaatsbepalingssysteem geïnstalleerd. ARTEMIS- systeemmedewerkers konden vanop de wal verwittigen wanneer er van het voorkeur traject werd afgeweken. Vanop de brug van de Yatzy kon de sleepkapitein dan zijn sleepboten vragen iets meer bak- of stuurboord te trekken.

 

Kapitein Cyrille Pissierssens:

“Alles goed en wel, ikzelf had gedurende het ganse traject van Antwerpen rede de sleep met onze sleepboten in goed banen geleid totdat we ter hoogte van het risicopunt gekomen waren, nog zo’n 2000 meters vooraleer we onder de kabels moesten doorvaren. Hier richtte kapitein Roels zich tot mij en zei dat hij het commando overnam en bijgevolg ook de risico’s. Ik mocht dus niet tussenkomen om eventueel sleepboten orders te geven. Ik volgde samen met loods Lintermans vanop de bakboordvleugel op de Yatzy het manoeuvreren en bemerkte al vlug dat we teveel onder de linkeroever zaten en bijgevolg met de twee zijpontons de steiger van BP-Chemicals zouden rammen, hetgeen dan ook gebeurde. Kapitein Roels zegde dan wel: ‘Liever een steiger dan de kabels’. Ik vernam dan via ons bureel dat de verzekeraar, bij monde van kapitein Arnold Claus, de sleepboten en mijzelf verantwoordelijk stelden voor de schade ervaring. Kapitein Roels van de Boelwerf heeft dan direct op deze beschuldiging A Claus gemeld dat op het ogenblik der aanvaring hij het bevel had.” 

De voor en achter sleepboten kregen dan orders stuurboord uit te trekken om vrij te komen van de steiger. De verdere afvaart gebeurde zonder moeilijkheden en de Yatzy werd ten anker gebracht op ankerplaats Meestoof, aan de Kruisschans, omstreeks 15.30 uur. Daar werd het volgende tij afgewacht om de doorvaart Doel-Zandvliet met het begin der vloed uit te voeren. Daar verliep alles vlot en de reis naar Vlissingen werd verdergezet zonder moeilijkheden. Op 12 januari 1989  werd de Yatzy ’s avonds ten anker gebracht en werden de vier sleepboten bedankt voor de goede uitvoering van de volbrachte reis.

De volgende dag werd de sleepreis naar Rotterdam verdergezet met de sleepboten van SMIT naar de haven op de Maasvlakte om aldaar in diep water de zes schroeven onderaan de romp te bevestigen.

 

Genoteerd door Hugo Van Britsom

Bron: ‘Geschiedenis der Belgische Sleepvaart’ – Belgisch Glorie 1860-2007 

van Kapitein l.o. Cyrille Pissierssens

Met dank aan Marc Hauman voor het nalezen.

 



Copyright Op Stoapel VZW   |   site by WebXclusive®, digital marketing agency

Facebook Iconfacebook like button